Een taalmodel ziet er niet uit als een magische 3D-woordenwolk, maar als een enorme tabel vol getallen. Elk woord is een rij cijfers, een vector, in een ruimte met honderden of zelfs duizenden dimensies. De vectoren bepalen hoe woorden zich tot elkaar verhouden. De afstand tussen getallen laat zien of ze logisch bij elkaar passen, zonder dat het generatieve AI-model er echt betekenis aan geeft. Het is pure wiskunde. De kracht schuilt niet in hoe het eruit ziet, maar in wat het kan: razendsnel voorspellen welk patroon of woord waarschijnlijk volgt.

Microlearning: Wat zit er echt in een taalmodel
0:00
0:00
/
0:00