Het inkoopproces volgens het 10 R-model

Johan vertelt aan Anda dat de inkoop bij de overheid wordt gedaan aan de hand van het 10 R-model. Het lifecycle-model. Het leuke van het 10 R-model is, dat het alle elementen aanstipt waar je aandacht aan kunt besteden binnen het inkoopproces.

(Intro met abstracte beelden met daaronder een korte begintune.)

(In beeld verschijnt de tekst: 
microlearnings
Duurzaamheid)

(Twee mensen zitten tegenover elkaar in een verder lege kantoorruimte en starten het gesprek: 
mevrouw Anda Counotte begint, de heer Johan Rodenhuis reageert.)

(In beeld verschijnt de tekst:
Anda Counotte
onderzoeker Green IT, Open Universiteit)

ANDA COUNOTTE: Johan, je vertelde dat jullie de inkoop aan de hand van het 10 R-model doen. Het lifecycle-model. Kan je daar wat concrete voorbeelden van geven?

(In beeld verschijnt de tekst:
Johan Rodenhuis
adviseur Duurzaamheid, Categorie ICT Werkomgeving Rijk, Ministerie van Economische Zaken en Klimaat)

JOHAN RODENHUIS: Ja, dat kan ik zeker. Het leuke van het 10 R-model is, dat het alle elementen aanstipt waar je aandacht aan kunt besteden binnen het inkoopproces. 

(In beeld verschijnt een afbeelding van het 10 R-model met de titel: 
Groen van IT: lifecycle en 10R-model)

De bovenste onderdelen zoals bijvoorbeeld Refuse en Rethink hebben meer betrekking op het beleidsmatige aspect. Dus de keuze, koop ik wel of niet een product, wat voor lifecycle-eisen stel ik daaraan en ga ik voor high-end- of low-endproducten? Als je kijkt naar de aanbesteding, dan kun je denken bij Re-used, het stimuleren van hergebruik. Denk daarbij aan toestellen die je geleased hebt, die teruggaan naar een fabrikant en vervolgens klaargemaakt worden voor herinzet. Dat is een hele mooie stimulans voor de refurbish-markt. Als je kijkt naar een onderwerp als Repair zou je kunnen denken aan de repareerbaarheid van toestellen. Het leuke is dat je dat al bijvoorbeeld in Frankrijk sterk terug ziet komen in wetgeving waar producten een repareerbaarheidsindex krijgen. Je ziet het ook heel mooi naar voren komen in keurmerken zoals TCO Certified, waar eisen rondom repareerbaarheid worden gesteld. Als je naar onderen zakt en je kijkt naar termen als Recycle, dat is het laatste wat je wilt, omdat dat een minimale impact heeft. Maar wat je dan wel wilt, is dat producten op een dusdanige manier gerecycled worden, 
dat je zoveel mogelijk grondstoffen weer terughaalt uit die producten, zodat je daar nieuwe producten van kunt maken en zo weinig mogelijk naar uiteindelijk het laatste stadium in het 10 R-model gaan en dat ze uiteindelijk verbrand worden, of voor energieopwekking. Op hoofdlijnen zijn dat een paar mooie elementen die ik kan toelichten in het 10 R-model. 

ANDA: Ja, dat klinkt interessant. Ik hoorde alleen twee begrippen die ik niet zo goed ken. High-end en low-end, wat bedoel je daar eigenlijk mee?

JOHAN: Dat is een hele goede vraag. 

(In beeld verschijnt de tekst: High-end) 

Met high-endproducten bedoelen we producten die hogere specificaties van zichzelf hebben. Denk aan een sterkere processor, meer opslagcapaciteit, een beter scherm. Waardoor ze veel langer mee kunnen dan bijvoorbeeld producten die low-end zijn, waarbij diezelfde standaarden veel lager zijn. 

(In beeld verschijnt de tekst: Low-end) 

Waarbij ze wel aan de standaarden van het heden kunnen voldoen, maar niet toekomstvast zijn. Dat kan een afweging zijn van, ga ik het kortcyclisch of langcyclisch gebruiken.

ANDA: Oké, oké. En als jullie gaan recyclen, of tenminste als je oplet of iets recyclebaar is, letten jullie dan ook op de schaarse metalen die in computerapparatuur zitten?

(In beeld verschijnt de tekst: Hergebruik van schaarse metalen)

JOHAN: We besteden er zeker aandacht aan. Het verschilt een beetje in welke mate, omdat de keten daarachter ontzettend complex is en tot op heden beperkt transparant. Je ziet dat heel veel partijen in de markt er heel veel aandacht aan besteden. Waar je op zou kunnen letten is bijvoorbeeld: Waar komt het goud vandaan? Hoe wordt er omgegaan met 3TG-edelmetalen? Daar zit bijvoorbeeld goud, tantalum, dus wolfraam en tungsten in. Die metalen zijn schaars en er vinden vaak misstanden plaats.
Dus je wilt vermijden dat er veel van die metalen in dergelijke producten zitten of dat ze van hergebruikte oorsprong komen, dus uit gerecyclede devices.

ANDA: En dat ze dus ook, als het ding afgedankt wordt, weer uit het apparaat gehaald kunnen worden,
om opnieuw gebruikt te worden.

JOHAN: Ja, en ook daar zie je nog wel dat ook het smelten nog in de kinderschoenen staat. Er worden steeds nieuwere technologieën ontwikkeld om te zorgen dat je meer edelmetalen terug kunt winnen,
omdat ook een groot aantal van de componenten die in bijvoorbeeld ICT-apparatuur zitten, chemisch aan elkaar verbonden zijn, waardoor je ze niet makkelijk uit elkaar kunt halen. Dat laat ook zien dat je eigenlijk veel moet richten op de voorkant van het proces, dus in een 10 jaar-model, en zoveel mogelijk moet vermijden dat je uiteindelijk moet gaan recyclen, omdat dan nog steeds niet alles terug te halen is.

ANDA: Merk je ook dat degenen waarvoor je inkoopt, het belangrijk vinden dat je daar allemaal op let?

JOHAN: Dat is een groeiend proces, denk ik. Je ziet wel dat er steeds meer bewustwording rond dit thema ontstaat. Dat steeds meer personen daarmee bezig zijn om daar invulling aan te geven. Dat is een ongoing proces, dat gaat steeds een beetje verder. Er ontstaat steeds meer bewustzijn in de keten.
Maar er is ook nog een hele lange weg te gaan.

(Outro met abstracte beelden en korte eindtune.)

(In beeld verschijnt de tekst:
microlearnings
Duurzaamheid)

(Het laatste beeld bevat het logo van de Rijksoverheid met daaronder de tekst:
Deze microlearning is tot stand gekomen door een samenwerking tussen de Leer- en Ontwikkelcampus (LOC) van UBR, de directie CIO Rijk van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BKZ) en de Rijksacademie voor Digitalisering en Informatisering Overheid (RADIO))